Alleen reizen brengt me een hoop, nog meer dan ik had kunnen denken. 

Ik merk nu hoe fijn het is, alleen en wat een rust dat geeft. En ik merk dat als ik niet alleen wil zijn, dat er altijd wel iemand is om mee te eten, wat te drinken, te kletsen. En dat ik toch vaker kies voor het alleen zijn. En ik kan dus, na 50 jaar met mezelf, eindelijk zeggen dat ik mezelf ook fijn gezelschap vind. Je moet er even een stukje voor reizen, maar dan hedde ok wa. 

Maar eerlijk is eerlijk, niet alle dagen zijn even fijn.

De laatste dag in Hanoi voelde ik me kut. (“Handen uit je zakken halen”, hoor ik Edwin al zeggen) en daar kwam ik maar niet uit. Zelfs shoppen hielp niet 😶

Totdat ik in een restaurant terecht kwam waar niemand Engels sprak, en waar ze toen iemand gingen bellen die wel Engels sprak, om te vragen wat ik wilde (bier!). En dat vond ik zo lief dat ik op slag weer wat vrolijker was. 

En doorrrrr!